Papua's in diaspora
In maart 1942 capituleerde het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger (KNIL) en werd heel Nederlands-Indië door Japan bezet. Ook Nederlands Nieuw-Guinea viel in Japanse handen, hoewel in het zuidelijk gelegen Merauke met zijn ondoordringbare oerwoud gedurende de hele oorlog de Nederlandse vlag bleef wapperen. In 1943 kwam langs de noordkust van Nieuw-Guinea het Amerikaanse tegenoffensief op gang en de grote aanvoer en overslag van goederen en personeel had een grote invloed op de lokale bevolking. Nadat de Japanners waren verdreven, werd in de fase van herstel van het Nederlands bestuur, het 'Papoea-bataljon' opgericht. Dit was de voorloper van het latere 'Papoea Vrijwilligerskorps', opgezet om de Papua-bevolking te betrekken bij de bescherming van de belangen van Nederlands Nieuw-Guinea, dat uiteindelijk in 1962 aan de Republiek Indonesië werd overgedragen.
In het kader van het oral history-project zijn interviews gehouden met Nederlanders, eerste generatie Papua- migranten, Indo’s en Molukkers. Allen bewaren herinneringen aan Nieuw-Guinea tussen 1940 en 1962. Sommigen zijn er geboren, anderen hebben er gewerkt en gewoond. De geïnterviewden vertellen over hun uiteenlopende ervaringen tijdens de Japanse bezetting en gaan ook in op hun kinder- en schooltijd, hun tradities en hun migratiegeschiedenis.


