menu

Interview met Bastiaan Diepenhorst, Reis van de razzia

Project:

Reis van de Razzia
Realisatie project:
Erik de Jager (Stichting Reis van de Razzia)
Tijdsbestek:
November 1944 - Juli 1945
Locatie:
Rotterdam; Nederland; Duitsland; Schiedam; RET-terrein; Amsterdam; Kampen; Thüringen; Noord-Brabant
Meer projectdetails
Aan het laden...

U kunt hier naar fragmenten zoeken

Bastiaan Diepenhorst was achttien jaar toen hij meeging met de razzia. Dat is inmiddels een lange tijd geleden, en het verhaal van Diepenhorst is daardoor niet altijd even duidelijk voor de kijker. Datgene wat hij vertelt, is schrijnend en bij tijd en wijle gewelddadig. Het begint al in Rotterdam wanneer hij weggevoerd wordt. Hij wordt beschoten op het emplacement van de RET als hij zijn broer ziet en naar hem toe wil gaan, maar hij wordt niet geraakt.

Hij komt terecht in één van de rijnaken die via Amsterdam over het IJsselmeer naar Kampen voeren. Daar is hij, zoals hij het zelf zegt, 'het ruim ingegooid'.

Daarvandaan is hij met de trein naar Thüringen getransporteerd. Hij heeft ontsnappen overwogen, maar er werd gedreigd met represailles. Wanneer er één zou ontsnappen, zouden anderen worden doodgeschoten. Dat bleken geen loze woorden te zijn. Hoewel de reden Diepenhorst niet duidelijk is geworden, zijn er in Duitsland wel drie van zijn razziagenoten gefusilleerd. Het gerucht ging dat ze een Duitser hadden vermoord.

Later, vlak voor de bevrijding, bleek dat hijzelf door het oog van de naald was gekropen. Tijdens zijn inkwartiering bij een Duits gezin had hij het portret van Adolf Hitler omgedraaid. Volgens eigen zeggen stond hij op de nominatie om wegens belediging van de Führer te worden doodgeschoten.

Hij werd net op tijd bevrijd door de Russen. Die hebben hem nog gevraagd of hij wraakgevoelens koesterde tegen specifieke personen, want dan konden ze die ophangen. Zelf heeft hij geen namen genoemd, maar anderen wel. Hij heeft de Duitsers dood aan de bomen zien hangen.

Bij de tewerkstelling in een kolenmijn in Thüringen zat Diepenhorst diep onder de grond. Hij zat op een plek waar de bommen, die over Thüringen werden uitgegooid, niet bij konden komen. Hij denkt dat dat zijn redding is geweest.

Na de bevrijding is hij gerepatrieerd naar Brabant. Omdat Rotterdam bedreigd werd met ziekten en epidemieën, mocht Diepenhorst in eerste instantie niet terugkeren naar Rotterdam. Toen hij na een paar maanden wel naar huis mocht, heeft zijn vader de vlag uitgehangen.

Kort na thuiskomst bleek dat Diepenhorst thuis niet meer kon aarden. Wat er tijdens de razzia en daarna was gebeurd, had hem volwassen gemaakt. Ook de dood van zijn moeder, tien dagen voordat de razzia plaatsvond, heeft een rol gespeeld bij zijn keuze om bij familie in Brabant te gaan wonen. Hij ging werken als bakker, maar werd ook actief in de politiek in Rotterdam. Voor en tijdens de verkiezingen hield hij zich bezig met de verkiezingscampagnes van de CHU en het CDA.

Andere interviews over Reis van de Razzia